Home Thema's Dierenwelzijn Rookworst en dierenleed
Rookworst en dierenleed PDF Afdrukken E-mailadres
Geschreven door Llink   
vrijdag 28 maart 2008 08:23

www.llink.nl   28-03-08

Bij een winterstamppot zoals hutspot, boerenkool of zuurkool hoort rookworst, vinden veel mensen. Rookworst komt van jonge varkens. Als sinds eeuwen vinden mensen dat lekker vlees. Maar ons geweten spreekt onze papillen nog wel eens tegen.

Nederlanders eten gemiddeld 40 kilo vlees per jaar. De productie van al dit vlees heeft van begin tot eind nogal impact op het milieu, natuurlijke bronnen en de levenomstandigheden van mensen. Neem veevoer. Voor een kilo vlees is vijf kilo veevoer nodig. Van alle soja die in Zuid-Amerika wordt geproduceerd, komt 80 procent in veevoer terecht. Dat gaat ten koste van regenwouden, biodiversiteit, landbouwgronden en de voedselzekerheid van kleine boeren.


Jonge varkens leveren ons de rookworst. Hun levensomstandigheden zijn niet optimaal. In de biologische landbouw is het dierenwelzijn beter geregeld. De mestproductie in Nederland is zo groot dat we het niet voldoende kunnen verwerken. Meststoffen dragen bij aan het broeikaseffect en verzuren de omgeving.

Honger de wereld uit
Voor de productie van voer voor varkens en ander vee wordt veel kostbare landbouwgrond in ontwikkelingslanden gebruikt. Bijna de helft van wat er wereldwijd aan graan wordt geteeld, wordt gevoerd aan dieren. De export van veevoer als maïs en soja is lucratief voor ontwikkelingslanden, maar alleen de grote landbouwbedrijven profiteren ervan. Kleine boeren worden onteigend en hebben geen grond meer voor de eigen voedselproductie. Landbouwgronden worden onvruchtbaar voor eenzijdig gebruik.

Mensenrechten bevorderen
Eenvijfde van het veevoer in Nederland bestaat uit soja. Het meeste daarvan importeert Nederland uit Zuid-Amerika. De zoektocht naar nieuwe landbouwgrond voor de sojateelt leidt geregeld tot conflicten over landrechten met (inheemse) boeren, waarbij soms doden vallen. Arbeidsomstandigheden in de sojateelt zijn erg slecht. Bij de ontginning van sojavelden komt zelfs slavernij voor. Arbeiders worden gedwongen te werken om ‘voorschotten’ in de vorm van voedsel, drank en sigaretten terug te betalen. Weglopers worden zwaar gestraft of zelfs doodgeschoten.

Diervriendelijk
Voor rookworst zijn biggen nodig. En die biggen worden standaard gecastreerd, tot nu toe zelfs onverdoofd. In november 2007 heeft de minister van Landbouw beslist dat castratie vanaf 2009 alleen nog maar verdoofd mag. Verder worden de biggen vroeg weggehaald bij de moeder. De jonge beestjes lopen daardoor vaak een shock op of ziektes als diarree, waartegen ze dan antibiotica krijgen toegediend. De varkens worden in circa zes maanden vetgemest tot zo’n 85 à 110 kilo. Dit gebeurt vaak in volgepropte kale hokken. Stro of strooisel om in te wroeten of om op te kauwen, ontbreekt meestal.

Biologische varkens hebben een beter leven. Hun aantallen zijn in verhouding echter nog klein: in 2003 60.000 geslachte varkens op een totaal van 18,5 miljoen geslachte varkens. Er is meer ruimte per varken en stro ter afleiding, tegen de verveling. Ook worden alle biologische biggen sinds juni 2007 verdoofd.

Schone aarde
Varkens eten en poepen wat af. De mestproductie in Nederland is de hoogste van Europa per hectare grondoppervlak. We kunnen die niet geheel verwerken. Meststoffen als fosfaat, nitraat en ammoniak kunnen op en in de grond belanden, of het grondwater vervuilen, waardoor extra zuivering nodig is. 

Biodiversiteit
De productie van veevoer als soja leidt tot grootschalige ontbossing in landen als Brazilië. Het verdwijnen van de bossen bedreigt de diversiteit in dier- en plantensoorten. Maatschappelijke organisaties oefenen daarom druk uit op verwerkers en importeurs van veevoer. Geleidelijk ontstaan initiatieven om de schade van de veevoerproductie te beperken. Meststoffen van varkens in Nederland doen planten als bramenstruiken en brandnetels woekeren waardoor andere plantensoorten verdwijnen.

Klimaatneutraal leven
De veehouderij stoot kooldioxide, methaan en lachgas uit, drie gassen die bijdragen aan het broeikaseffect.Volgens de VN-organisatie voor Voedsel en Landbouw (FAO) is de veehouderij verantwoordelijk voor 18 procent van de wereldwijde uitstoot van broeikasgassen, meer dan het aandeel van verkeer en vervoer.
Vleesproductie kost ook veel water en energie. Voor de productie van 1 kilo vlees is 100 keer meer water nodig dan voor die van 1 kilo graan. De import van veevoer uit ontwikkelingslanden kost veel indirecte energie, vanwege het transport. Het is overigens niet per definitie zo dat de productie van biologisch vlees veel energiezuiniger is. Wel als het veevoer lokaal wordt geproduceerd.

Eerlijke handel
Sojabonen worden onverwerkt geëxporteerd naar het Westen. Pas daar wordt veevoer gemaakt van de bonen. Zo verdienen de arme boer in ontwikkelingslanden nauwelijks aan de bonen. Het Westen strijkt namelijk ten koste van hem de winst op.

meer info

- 'Boeren met toekomst', rapport Milieudefensie
- Dierenbescherming over keurmerken varkensvlees
- Publieksnet Productschappen Vis, Vlees en Eieren
- Wakker Dier
- Voedingscentrum over keurmerken
- Varkens in Nood

V082803INT26013

Laatst aangepast op vrijdag 12 september 2008 13:36
 

Reageer

Your name:
Titel:
Comment (you may use HTML tags here):
  The word for verification. Lowercase letters only with no spaces.
Word verification:
Banner
Banner

Praktische lijsten

Meld fouten en verbroken links